Weblogs

Geen afscheid van de mensenrechten

Als de huidige pandemie niet ook mijn werk op zijn kop had gezet, legde ik nu de laatste hand aan mijn afscheidscollege als hoogleraar rechten van de mens aan de Universiteit van Amsterdam. Dat zou op 11 december 2020 plaatsvinden, daags na de Internationale dag van de rechten van de mens, die natuurlijk juist nu wél alle aandacht moet krijgen. Het uitstellen van zo’n afscheid – in mijn geval tot het voorjaar – is echt niet erg; bovendien heb ik in Tilburg nog taken te vervullen tot eind 2021.

Wel erg is het dat als gevolg van deze hoogst besmettelijke ziekte we van zoveel mensen verdrietig afscheid hebben moeten nemen, ook in mijn familie en kennissenkring, en dat veel mensen over de hele wereld dat nog steeds meemaken. En afscheid of niet, natuurlijk blijf ik wel erover nadenken wat het betekent om over mensenrechten te leren.

Mensenrechten in de praktijk

Net als mijn voorgangers op deze leerstoel, Theo van Boven (die er al was toen ik aan de Amsterdamse juridische faculteit studeerde) en Evert Alkema, heb ik tot 1 november deze taak vervuld voor een dag in de week naast werk op andere plaatsen. Juist voor de rechten van de mens is het essentieel dat degenen die er over doceren en erop studeren, goed weten wat er in de praktijk omgaat. Mijn directe collega’s op het gebied van de rechten van de mens in Amsterdam en Tilburg, Yvonne Donders en Nicola Jägers, zijn daarvan een voorbeeld. Zij zijn tevens lid van het College voor de rechten van de mens, dat naast klachten van burgers structurele problemen onderzoekt, en maken deel uit van de Commissie mensenrechten van de AIV.

Mensenrechten zijn voor het eerst wereldwijd erkend in de Universele Verklaring van de rechten van de mens van 10 december 1948 (vandaar die dag) en vervolgens in verdragen uitgewerkt. Het Koninkrijk der Nederlanden verplichtte zich in 1953 grondwettelijk de ontwikkeling van de internationale rechtsorde te bevorderen. Dit betekent niet alleen anderen de maat nemen, maar ook zelf mensenrechtenverdragen en andere internationale verplichtingen naleven. De AIV attendeert er van tijd tot tijd op dat dit ook geldt voor de Caribische delen van het Koninkrijk.

Waar het uiteindelijk op aankomt, is hoe ze uitwerken in de concrete levenservaring van mensen die in gevaar zijn. Vandaar dat naast rechterlijke en andere klachtenbehandelende instanties ook de internationale samenwerking bij optreden tegen misdrijven zoals foltering, mensenhandel, gedwongen verdwijningen en oorlogsmisdrijven onmisbaar is. Zulke ernstige schendingen van mensenrechten die helaas nog steeds aan de orde van de dag zijn, leren dat onze aandacht niet mag verslappen. Naleving en handhaving van de verdragen mag niet opzij worden gezet wegens vermeende nationale belangen en voorkeuren.

Maatstaf voor rechtsontwikkeling

Een afscheidscollege moet liefst niet alleen een terugblik zijn, maar ook en vooral een blik vooruit, gebaseerd op wat er is gedaan in onderwijs en onderzoek. Van mensenrechten kunnen we, als we daar even bij stilstaan, dag in dag uit veel leren. Omdat ze zo'n belangrijke plaats hebben gekregen in de rechtsontwikkeling, kan rechtswetenschappelijk onderzoek ze hanteren als analytisch instrument bij het doorgronden van de werking - of juist de tekortkomingen - van wetten en rechterlijke uitspraken.

Tekortkomingen van de overheid in de toeslagenaffaire waren mede het gevolg ervan dat opdrachten tot handhaving onvoldoende waren getoetst aan mensenrechtelijke principes zoals die van eerlijke procedures, gelijke behandeling, proportionaliteit van sancties en non-discriminatie. Goede bescherming van mensenrechten moet institutioneel verankerd zijn.

Nog steeds stelt de Nederlandse wetgever zichzelf via een grondwetsbepaling vrij van toetsing van de politieke besluitvorming aan de in de Grondwet neergelegde fundamentele rechten. Gelukkig zijn er wel de waarborgen van het Europese en het internationale recht, waaraan de rechter moet toetsen (al zijn er politieke partijen die dat willen afschaffen), geruggesteund door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en het Hof van Justitie van de Europese Unie. In de Nederlandse rechtsontwikkeling moeten we blijven leren van mensenrechten.

Mensenrechten als spiegel

Straks, in mijn verlate afscheidscollege, zal ik nog wat verder kunnen reflecteren op mensenrechten als leerschool voor de democratische rechtsstaat. Mensenrechten houden ons als het ware een spiegel voor. Het volstaat niet dat we onze besluitvormingsprocedures volgens de regels hebben afgewerkt, maar het komt er ook op aan of de politieke beslissers zich hebben afgevraagd hoe hun besluiten uitwerken in de concrete levenssituatie van mensen. Daarom wijst de AIV op concrete noden, zoals die van het in de huidige situatie zwaar getroffen Afrikaanse continent.

De Europese Unie moet zich ter beoordeling van het eigen intern en extern beleid en dat van lidstaten consequent haar grondbeginselen en het Handvest van de grondrechten als spiegel voorhouden. Wereldwijd wordt de verwerkelijking van mensenrechten nu ook gesteund door de Sustainable Development Goals. Zulke inzichten zal ik met anderen blijven delen, niet alleen bij de voorbereiding van het verlate afscheidscollege, maar als lid van de AIV en medeburger hopelijk onverminderd ook daarna.

Blogs op adviesraadinternationalevraagstukken.nl zijn op persoonlijke titel. Een blog geeft niet per se de mening weer van de AIV.